VAN GLYCOGEEN NAAR VET: HOE OVERTOLLIGE KOOLHYDRATEN WORDEN OPGESLAGEN EN VERVOERD.

Van glycogeen naar vet: zo parkeert je lichaam een koolhydraat-overschot

Koolhydraten gaan eerst naar glycogeen: snelle energievoorraad in lever en spieren. Pas als die “tanks” vol zitten én je nog steeds meer energie binnenkrijgt dan je verbruikt, schakelt je lijf over op vetopslag. Hoe dat precies loopt – en hoe dat vet vervolgens door je lichaam reist – lees je hieronder. Nuchter, kort en krachtig. 💪

Eerst even rechtzetten: glycogeen ≠ vet

Spierglycogeen is lokaal: spieren gebruiken het zelf bij inspanning. Dat wordt niet “afgetapt” en omgezet in vet om elders te parkeren.

Leverglycogeen houdt je bloedsuiker op peil tussen maaltijden. Zijn de voorraden gevuld en blijf je eten? Dán verschuift de lever richting vetopbouw.

Stap-voor-stap: van overschot naar vet

  1. Glucose-overschot → via glycolyse naar pyruvaat en vervolgens acetyl-CoA.
  2. De novo lipogenese (DNL) in de lever: bij hoge insuline/energie wordt acetyl-CoA via enzymen (o.a. ACC, FAS) opgebouwd tot vetzuren.
  3. Triglyceridenbouw: vetzuren + glycerol-3-fosfaat (uit koolhydraatstofwisseling) → triglyceriden (de opslagvorm van vet).
  4. Verpakken tot VLDL: de lever stopt triglyceriden in lipoproteïne-deeltjes VLDL (Very Low-Density Lipoprotein) – denk aan vrachtwagens met vet als lading.

Transport: van lever naar vetcellen

VLDL in de bloedbaan rijdt langs haarvaten van vetweefsel en spier. Daar zit het “wegrestaurant” lipoproteïnelipase (LPL) vast aan de vaatwand: LPL knipt triglyceriden in vrije vetzuren.

Opname & opslag: vrije vetzuren glippen de vetcel in en worden opnieuw aan glycerol gekoppeld tot triglyceriden. Zo groeit de vetdruppel in de adipocyt en word je – bij langdurig overschot – zichtbaar dikker. De VLDL-rest (IDL/LDL) reist terug richting lever.

Word je dik van koolhydraten of van vet?

Het korte antwoord: van een energiebalans in de plus. Koolhydraten hebben wel twee extra trucjes:

  • Spaar-effect: veel glucose verbrandt je eerst, waardoor vetverbranding daalt. Het vet dat je eet, wordt dan makkelijker opgeslagen.
  • DNL-boost: bij volle glycogeenvoorraden en veel (vloeibare) suikers kan de lever extra vet maken (DNL). Vooral bij frisdrank/ultrabewerkt snoep is dit effect groter.

Onthoud: DNL is bij de meeste mensen niet gigantisch zónder calorisch overschot, maar het bestaat en telt op bij structureel te veel eten.

Hoe rem je deze vet-shuttle? (praktisch & budget)

  • Maak ruimte in de tanks: krachttraining en (fietsen) vullen/spacen spierglycogeen. Na beweging gaan koolhydraten eerder naar herstel dan naar vet. 🚴‍♀️
  • Vloeibare suiker laag: frisdrank/vruchtensap geven snelle pieken → makkelijker DNL. Kies water/koffie/thee of light.
  • Eiwit + vezel bij elke maaltijd: betere verzadiging, stabielere bloedsuiker (denk: eieren, kwark, peulvruchten, diepvriesgroente). 🥦
  • Vetkwaliteit: olijfolie, noten, vette vis i.p.v. veel verzadigd/transvet – helpt ook je bloedlipiden.
  • Timing slim: zet “snelle” koolhydraten rond training in (post-workout), houd doordeweeks porties nuchter.

Samenvatting in één alinea

Te veel energie binnen en volle glycogeenvoorraden? Dan verandert de lever extra glucose in vetzuren (DNL), bouwt daar triglyceriden van, verpakt ze in VLDL en levert ze via LPL af bij vetcellen voor opslag. Minder overschot, meer beweging en betere vet/koolhydraatkeuzes zetten het proces in z’n achteruit.

Zin in nuchtere schema’s, budgetrecepten en een simpel plan dat je volhoudt? Check onze e-books en de site voor meer. 🔥

Leave a Reply

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *